Beslisgids voor de melkveehouderij
Kennisdossier · agrarisch
Batterijopslag in de melkveehouderij voor melkrobot en koeling

Batterijopslag op een melkveebedrijf kan zonnestroom verschuiven naar de melkrobot, stalventilatie en melkkoeling in de avond en nacht. Ook kan opslag terugkerende vermogenspieken begrenzen. De juiste maat voor de melkveehouderij volgt niet uit het aantal zonnepanelen of melkkoeien, maar uit minimaal 12 maanden kwartierdata, de aansluitwaarde en uw bedrijfsplannen. Deze beslisgids laat zien wanneer een elektrische batterij past, wanneer processturing of thermische opslag slimmer is en welke eisen gelden voor ontwerp, plaatsing en verzekering.
In het kort
- Een melkrobot veroorzaakt vrijwel continu basisverbruik; vacuümpompen, compressoren, boilers, reiniging en melkkoeling zorgen voor kortere pieken.
- Voor batterijopslag in de melkveehouderij wordt vaak eerst gerekend met circa 20–100 kW vermogen en 40–200 kWh bruikbare capaciteit. Dit is een inschatting, geen standaardmaat.
- De praktische volgorde is: 12–24 maanden meten, efficiëntie verbeteren, koeling slim sturen, thermische opslag beoordelen en pas daarna de resterende elektrische piek met een batterij afvangen.
- Kies opslag bij dagelijks bruikbaar PV-overschot, herhaalde pieken of aantoonbare economische schade door een netbeperking. Kies processturing als enkele verplaatsbare belastingen het probleem veroorzaken.
- Een standaard netgekoppelde batterij voedt bij stroomuitval doorgaans geen installatie. Noodbedrijf vraagt een afzonderlijk ontwerp voor geselecteerde kritieke groepen.
De kernkeuze in de melkveehouderij
Een batterij produceert geen energie, maar verschuift elektriciteit in de tijd. In de melkveehouderij kan zij middagproductie van zonnepanelen later inzetten voor melkrobots, vacuümpompen, compressoren, drinkwaterpompen, stalventilatie en melkkoeling. Bij een traditionele melkstal ontstaan meestal duidelijke ochtend- en avondpieken. Robotmelken geeft een gelijkmatiger etmaalprofiel, maar gelijktijdige tankkoeling, reiniging, warmwaterproductie en voeren kan nog steeds een hoge kwartierpiek veroorzaken. Een eerste rekenbandbreedte voor melkproductie is circa 40–100 kWh per melkkoe per jaar, exclusief grote nevenverbruikers. Melkkoeling vertegenwoordigt vaak ongeveer 15–30% van het elektriciteitsgebruik rond melken en bewaring. In de zomer is er meer PV-overschot; in de winter vaak minder zonnestroom en een hogere elektriciteitsvraag. Een batterij levert geen seizoensopslag. Bij een koelcel, koelhuis of vrieshuis is de koelbelasting langduriger en kan thermische massa relatief meer flexibiliteit bieden.
- Ochtend en avond: melken, vacuümpomp, compressor, voeren en warm water kunnen gelijktijdig vermogen vragen.
- Overdag: PV-productie is vaak hoog, terwijl melkrobots een betrekkelijk vlakke basislast houden.
- Tijdens en na het melken: de melkkoeltank vraagt extra vermogen om verse melk snel terug te koelen.
- Zomer: meer PV-overschot én koelvraag; winter: minder zonneproductie en geen seizoensbuffer.
Pillar over agrarische batterijopslagBatterijopslag voor een koelhuis
De meetcriteria voor melkrobot en melkkoeling
Voor een ontwerp zijn minimaal 12 maanden en bij voorkeur 12–24 maanden kwartierwaarden van afname en teruglevering nodig. Bij dynamische aansturing zijn uur- of minuutmetingen van afzonderlijke installaties nuttig. Registreer PV-productie in kWh, de hoogste kwartierpiek in kW, startstromen, cos φ of arbeidsfactor, bedrijfsuren en uitbreidingsplannen voor 5–10 jaar. Splits waar mogelijk melkrobots, koeling, boiler, bronpomp, stalventilatie en laadinfra uit. Het benodigde batterijvermogen is de gemeten piek minus de gewenste netpiek. De bruikbare capaciteit is het benodigde ontlaadvermogen maal de piekduur, gecorrigeerd voor omzettingsverlies en minimale laadstatus. Bij lithium-ion bedraagt het indicatieve round-triprendement 85–95%. De bruikbare ontlaaddiepte is vaak 80–95%, afhankelijk van de garantie. Ook fasebalans telt: één zwaar belaste fase kan een probleem vormen terwijl het totale vermogen in kW aanvaardbaar lijkt.
- LDN, Levering Door Netbeheerder: het maximale vermogen dat volgens het contract van het net mag worden afgenomen.
- ODN, Opname Door Netbeheerder: het maximale vermogen dat volgens het contract aan het net mag worden geleverd.
- Zelfconsumptie: het aandeel eigen zonnestroom dat direct of via opslag op de locatie wordt gebruikt.
- Zelfvoorziening: het aandeel van het totale verbruik dat uit eigen opwek en opslag komt.
- Netuitwisseling: alle afname en teruglevering over de aansluiting; energie boven LDN is het volume boven de contractgrens.
Piekshaving berekenen met kwartierdataEnergiemanagement voor bedrijven en proceskoppelingen
Optie A: processturing en thermische opslag
Procesmaatregelen verdienen voorrang wanneer koeling de belangrijkste belasting is. Een platenkoeler gebruikt water om verse melk vóór de koeltank terug te koelen en vermindert daardoor het elektrische koelwerk. Warmteterugwinning benut condensatiewarmte voor tap- of reinigingswater. Een ijsbank of andere thermische opslag maakt koude wanneer stroom of zonnestroom beschikbaar is en gebruikt die later, zonder alle energie via een elektrische batterij om te zetten. Ook boiler, bronpomp en reiniging kunnen soms buiten het piekvenster draaien. Voedselveiligheid blijft leidend: flexibiliteit mag nooit botsen met eisen voor melkkwaliteit, bewaartemperatuur en hygiëne. Bij een koelhuis, koelcel of vrieshuis moet bovendien worden bepaald hoeveel thermische traagheid product en gebouw bieden. In de melkveehouderij is deze route vaak voordeliger wanneer één of twee verplaatsbare processen vrijwel de hele piek veroorzaken.
- Meet het afzonderlijke vermogen en de looptijd van compressor, vacuümpomp en boiler.
- Bereken de vermeden koelenergie door voorkoeling voordat elektrische opslag wordt gedimensioneerd.
- Leg veilige koelsetpoints, hygiënegrenzen en procesprioriteiten vast in het energiemanagementsysteem.
- Vergelijk totale kosten van niets doen, processturing, thermische opslag en een gecombineerde installatie.
Batterij dimensioneren voor koelhuis en peak shavingZonnepanelen voor agrarische daken
Optie B: elektrische opslag en praktijkberekening
Een indicatieve onderzoeksschaal voor batterijopslag in de melkveehouderij is 20–100 kW vermogen en 40–200 kWh bruikbare capaciteit. Veel doorgerekende zakelijke systemen hebben ongeveer 2 uur ontlaadduur. Een geanonimiseerde praktijkcase van een melkveehouderij in Oost-Nederland had een LDN en ODN van beide 55 kW, 74 kWp zonnepanelen en een batterij van 125 kW/261 kWh. Het afgeleide jaarverbruik bedroeg circa 103.000 kWh. De berekende zelfconsumptie steeg van 61,3% naar 94,0% en de zelfvoorziening van 40,3% naar 61,8%. De netafname daalde van 61.592 kWh naar 41.512 kWh per jaar en teruglevering van 26.219 kWh naar 4.052 kWh per jaar. Bij een investering van circa €144.000 en gesimuleerde baten van circa €20.600 per jaar is de eenvoudige som €144.000 gedeeld door €20.600, oftewel circa 7,0 jaar. Dit is een indicatie uit één doorgerekende case, geen belofte. De opslag was ruim gedimensioneerd ten opzichte van de aansluiting; kleiner en goedkoper kan dan meer rendement per geïnvesteerde euro geven. Een tweede zichtbare berekening voor prijspeil 2026: stel dat 60.000 kWh per jaar door opslag kan worden verschoven. Bij een effectieve prijsspreiding van voorzichtig €0,15 per kWh levert dat €9.000 per jaar op; gunstig gerekend met €0,25 per kWh is dat €15.000. Voeg voorzichtig €3.000 en gunstig €5.000 per jaar toe voor minder ongunstige teruglevering en piekbegrenzing. Totale baten worden dan circa €12.000–€20.000 per jaar. Bij een investering van €120.000–€160.000 is de eenvoudige bandbreedte 6–13 jaar. Met onderhoud, inspectie, verzekeringsmeerkosten, financieringsrente, kalender- en cyclische degradatie en een stressscenario zonder subsidie kan het voorzichtige resultaat boven 15 jaar uitkomen. De berekening veronderstelt 220–320 bruikbare cycli per jaar, gelijkblijvende bedrijfsvoering en voldoende dagelijkse laad- en ontlaadruimte; de uitkomst is projectspecifiek.
- Batterijvermogen in kW bepaalt hoeveel gelijktijdige vermogenspiek kan worden afgevangen.
- Batterijcapaciteit in kWh bepaalt hoelang de ondersteuning beschikbaar blijft.
- Bij 0,5C levert 100 kWh maximaal ongeveer 50 kW; bij 1C ongeveer 100 kW.
- Zonder reservering van laadstatus kunnen PV-opslag, piekbegrenzing en noodreserve elkaar blokkeren.
Bedrijfsbatterij met 200 kWh capaciteitBedrijfsbatterij met 261 kWh capaciteit
Beslisregels voor optie A of optie B
Kies optie A, processturing en thermische flexibiliteit, als minstens 70% van de vermogenspiek afkomstig is van verplaatsbare koeling, boiler of pomp en de piek korter dan circa 30 minuten duurt. Kies optie B, elektrische opslag, als dagelijks minstens 40–80 kWh PV-overschot later nodig is, als de afname herhaaldelijk 20–100 kW boven de gewenste netgrens komt of als een beperkte aansluiting aantoonbaar productie- of uitbreidingsverlies veroorzaakt. Kies A plus B wanneer processturing mogelijk is, maar daarna nog minstens 20 kW piek gedurende 1–2 uur resteert. Een batterij is meestal niet verstandig wanneer de zelfconsumptie al boven 90% ligt zonder relevant inkoopvoordeel, er minder dan circa 150 bruikbare cycli per jaar zijn of de opslag hoofdzakelijk voor incidentele startstromen wordt gekozen. Ook een batterij die veel groter is dan het beschikbare laadvermogen, de aansluiting of het dagelijkse overschot is financieel vaak onlogisch. Uw aansluiting verkleinen kan mogelijk zijn, maar alleen na een langetermijnanalyse en overleg met de netbeheerder.
- Kies A bij een verplaatsbare koel- of warmwaterpiek van minder dan circa 30 minuten.
- Kies B bij dagelijks 40–80 kWh overschot én een terugkerende latere vraag of netpiek.
- Kies A plus B als na processturing minimaal 20 kW gedurende 1–2 uur overblijft.
- Kies geen batterij bij meer dan 90% zelfconsumptie zonder inkoopvoordeel of minder dan circa 150 cycli per jaar.
Terugverdientijd van een bedrijfsbatterijKosten van zakelijke batterijopslag
Kostenopbouw voor de melkveehouderij in 2026
Een compleet geïnstalleerde zakelijke lithium-ion-installatie kost in prijspeil 2025–2026 grofweg €400–€900 per bruikbare kWh, exclusief btw. De spreiding komt door het vereiste vermogen, de locatie en veiligheidsmaatregelen. Een installatie van 50 kW/100 kWh kost indicatief €60.000–€120.000; 100 kW/200 kWh circa €110.000–€220.000. Binnen zo’n project bedraagt batterijhardware vaak €40.000–€90.000, de bidirectionele omvormer €10.000–€30.000 en het EMS circa €5.000–€20.000. Installatie, kabels en beveiligingen kosten veelal €10.000–€35.000. Aanpassing van netaansluiting, hoofdverdeler of meterkast ligt indicatief tussen €5.000 en €40.000. Fundatie, buitenbehuizing, hekwerk, aanrijdbeveiliging en brandvoorzieningen voegen circa €8.000–€40.000 toe. Onderhoud, software en monitoring bedragen meestal 1–3% van de investering per jaar, indicatief €1.500–€6.000. Een verzekeringsmeerkost van circa €500–€3.000 per jaar is een projectspecifieke inschatting. Posten kunnen in offertes overlappen en mogen niet blind worden opgeteld.
- Hardware: batterijmodules, behuizing en garantie op resterende capaciteit of energie-doorzet.
- Omvormer: continu vermogen, kortdurend piekvermogen, fasegedrag en eventuele grid-forming-functie.
- EMS: hoofdmeting en koppelingen met PV, melkrobot, koeling, aggregaat en eventueel laadpalen.
- Installatie: fundatie, kabeltracé, beveiliging, montage, inbedrijfstelling en opleverdossier.
- Exploitatie: preventief onderhoud, monitoring, software, inspectie, verzekering en capaciteitsverlies.
Zakelijke batterijopslag en projectopbouwIndustriële opslagsystemen voor grotere vermogens
Stappenplan, documenten en doorlooptijden
Een reguliere installatie duurt indicatief 10–24 weken, exclusief een netverzwaring, uitgebreide vergunningprocedure of levertijd. Week 1–3: u en de installateur verzamelen 12–24 maanden kwartierdata, energiefacturen, PV-opbrengst, LDN, ODN, éénlijnschema’s en uitbreidingsplannen. Week 3–6: de installateur maakt een piekanalyse, ontwerp, scenariovergelijking, kabelberekening en situatietekening. Week 4–8: de energieleverancier levert contract-, prijs- en teruglevervoorwaarden; Liander of Enexis beoordeelt zo nodig registratie, transportvoorwaarden en meetinrichting. Week 5–10: gemeente, veiligheidsregio en verzekeraar beoordelen locatie, omgevingsplan, brandveiligheid en de praktische toepassing van PGS 37-1. Week 8–16: installateur en aannemer maken fundatie, een UV- en vochtbestendig kabeltracé en beveiligingen. Week 16–20: montage, inbedrijfstelling en functionele tests. Week 20–24: oplevercontrole, gebruikersinstructie en overdracht van as-builtschema’s, foto’s, datasheets, risicoanalyse, instellingen, onderhoudsplan en logboek. Bij meer dan 3x80 A bestaat doorgaans al kwartiermeting via netbeheerder of meetbedrijf.
- Installateur: analyse, ontwerp, kabelberekening, montage, tests en technisch dossier.
- Netbeheerder: aansluiting, registratie, meetvoorwaarden en eventuele transportbeperkingen.
- Energieleverancier: contractprijzen, terugleververgoeding, dynamische voorwaarden en meetdatatoegang.
- Gemeente en bevoegd gezag: omgevingsplan, bouwkundige ingreep en brandveiligheidsafstemming.
- Verzekeraar: schriftelijke acceptatie van locatie, capaciteit, maatregelen en onderhoudsregime.
Werkwijze voor analyse en installatieBatterijopslag voor een loonwerkbedrijf
Uitvoeringsrisico’s, locatie en onderhoud
NEN 1010:2020 is de dwingende basis voor een nieuwe of gewijzigde laagspanningsinstallatie. Vast opgestelde accu’s mogen alleen toegankelijk zijn voor vakbekwame of voldoende onderrichte personen. NEN 4288 richt zich op de veilige bedrijfsvoering van batterij-energieopslagsystemen, vooral boven circa 25 kWh, en kan door verzekeraar of bevoegd gezag worden gevraagd. NEN 3140 ondersteunt veilige werkprocedures en onderhoud. Laat verzekeraar en bevoegd gezag vóór aanschaf schriftelijk reageren. Rond 20 kWh ligt voor veel verzekeraars een praktisch kantelpunt: zij vragen vaak buitenplaatsing op afstand of aantoonbaar gelijkwaardige brandwerendheid. Sommige zakelijke verzekeraars stellen boven circa 130 kWh buitenplaatsing als voorwaarde. Dat zijn geen universele wettelijke grenzen. Plaats een systeem bij voorkeur niet in dezelfde brandruimte als dieren, voer, werktuigen of melkrobotbesturing. Vermijd vluchtwegen, dakplaatsing, water- en rioolleidingen, brandbare opslag en een locatie naast ventilatie-inlaten. Een buitenopstelling vraagt fundatie, aanrijdbeveiliging, hekwerk, pictogrammen, bereikbaarheid voor de brandweer en een plan voor verontreinigd bluswater. Lithiumbranden worden beheerst door langdurig koelen; thermal runaway kan zich tussen cellen verspreiden. Voor bestaande zonnepanelen kan SCIOS Scope 12 afzonderlijk relevant zijn. Een definitieve SCIOS Scope 15 voor batterijopslag bestaat in 2026 nog niet; bouw en documenteer wel Scope 15-ready. De technische levensduur is vaak circa 10–15 jaar, afhankelijk van temperatuur, cycli en laadvenster. Plan jaarlijks onderhoud en controle van alarmen, ventilatie, verbindingen, noodstop en firmware.
- Gebruik buiten uitsluitend UV- en vochtbestendige kabels of een daarvoor geschikte beschermbuis.
- Toets startstromen van compressor, vacuümpomp en pompen afzonderlijk aan het omvormervermogen.
- Leg data-eigendom, cyberbeveiliging, handelssturing, storingsrespons en garantievoorwaarden contractueel vast.
- Bewaar situatietekening, foto’s, as-builtschema’s, risicoanalyse, onderhoudsplan en logboek voor verzekeringsacceptatie.
Veiligheid en plaatsing van een bedrijfsbatterijBatterijopslag voor akkerbouw en bewaarschuur
Noodbedrijf, netcongestie en randgevallen
Een standaard netparallelle batterij schakelt bij een stroomstoring doorgaans uit. Voor noodbedrijf in de melkveehouderij zijn een grid-forming-omvormer, gateway, omschakelinrichting, selectieve beveiliging en voldoende kortsluitvermogen nodig. Prioriteer ontworpen kritieke groepen: melkrobot, vacuüm, compressor, melkkoeling, besturing, drinkwater en noodzakelijke ventilatie. Bij 30 kW kritieke belasting en 3 uur autonomie is 90 kWh bruikbare energie nodig. Gecorrigeerd voor 90% bruikbare capaciteit en 90% omzettingsrendement is dat circa 111 kWh nominale capaciteit. Er moet bovendien voldoende State of Charge gereserveerd blijven. Een bestaand aggregaat vraagt technische afstemming tegen terugvoeding, instabiliteit en ongewenst parallelschakelen. Grote delen van Gelderland en Overijssel kennen in 2026 netbeperkingen. Een batterij achter de meter kan kwartierpieken begrenzen, maar geeft geen recht op extra afname of teruglevering. Randgeval één: lange kabels en lokale spanningsproblemen op een landelijk erf verdwijnen niet vanzelf door opslag; spanningskwaliteit vraagt een apart ontwerp. Randgeval twee: marktsturing kan juist extra afname of invoeding veroorzaken tijdens een lokale congestiepiek als LDN en ODN geen harde EMS-grenzen zijn. Randgeval drie: een vlak robotprofiel verhoogt het directe eigen PV-verbruik, maar kan daardoor minder dagelijks prijsverschil voor opslag overlaten. Vermogen boven 1 MW moet volgens RVO-informatie uit 2026 minimaal 3 maanden vóór ingebruikname worden geregistreerd; kleinere systemen moeten eveneens tijdig volgens de actuele procedure worden aangemeld.
- Bereken noodautonomie uit kritieke belasting in kW maal gewenste bedrijfsduur in uren.
- Stem EMS-grenzen af op gecontracteerd transportvermogen en tijdsgebonden beperkingen.
- Controleer per aansluiting of Liander of Enexis de netbeheerder is en welke voorwaarden gelden.
- Leg voor energiehandel telemetrie, beschikbaarheid en beëindiging van het aggregatorcontract vast.
Noodstroom voor agrarische bedrijvenZakelijke batterijopslag bij netcongestie
Subsidie- en fiscale route in 2026
De Energie-investeringsaftrek, EIA, geldt alleen als de concrete techniek en configuratie voldoen aan een actuele code op de Energielijst 2026. Flex-e kan afhankelijk van openstelling, doelgroep en congestiegebied bijdragen aan een flexibiliteitsscan, haalbaarheidsonderzoek of maatregel. De Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, KIA, kan binnen de totale jaarinvesteringen en fiscale samenloop mogelijk van toepassing zijn. Milieu-investeringsaftrek en Vamil gelden niet generiek voor iedere batterij. SDE++ is geen algemene aanschafsubsidie voor een losse bedrijfsbatterij. SPRILA is alleen relevant wanneer opslag onderdeel vormt van private laadinfrastructuur. DEI+ is bedoeld voor demonstratie en innovatie, niet voor een reguliere standaardinstallatie. Laat vóór opdrachtverlening de code, meldtermijn, minimuminvestering en regionale regelingen controleren. UltiPower zet samen met een subsidieadviseur kwartierdata, technische onderbouwing, offerte, planning en financiële scenario’s met en zonder toekenning klaar. Vraag een businesscase aan via /contact.
- Controleer regelingen voordat u een opdracht of andere financiële verplichting aangaat.
- Bereken een voorzichtig scenario zonder subsidie en een gunstig scenario met mogelijke toekenning.
- Bewaar offertes, technische specificaties, betaalplanning en de datum waarop verplichtingen zijn aangegaan.
- Neem financieringsrente, fiscale samenloop, degradatie en restwaarde op in de gevoeligheidsanalyse.
| Profiel melkveehouderij | Indicatieve maat | Eerste route | Investering exclusief btw |
|---|---|---|---|
| Korte piek uit boiler en koeling, weinig PV-overschot | Geen batterij of circa 20–30 kW / 40–60 kWh | Processturing en voorkoeling eerst | €0–€65.000 |
| 1–2 melkrobots, herhaalde pieken en dagelijks PV-overschot | Circa 30–60 kW / 60–120 kWh | EMS en elektrische opslag | €55.000–€130.000 |
| Meerdere robots, groot zonnedak en beperkte aansluiting | Circa 60–100 kW / 120–200 kWh | Processturing plus batterij | €90.000–€220.000 |
| Ontworpen noodbedrijf voor 30 kW gedurende 3 uur | Circa 111 kWh nominaal plus passend vermogen | Eilandbedrijf voor kritieke groepen | Vaak €20.000–€60.000 extra |
| Zelfconsumptie boven 90% zonder relevant inkoopvoordeel | Meestal geen opslag | Efficiëntie, contract en processturing | Geen batterij-investering |
Veelgestelde vragen
Welke batterij past bij mijn melkveebedrijf?
Dat volgt uit het doel, 12–24 maanden kwartierdata, PV-opwek, LDN, ODN, piekduur, fasebelasting en plannen voor 5–10 jaar. Voor de melkveehouderij is 20–100 kW en 40–200 kWh een eerste onderzoeksrange, geen vaste maat.
Kan batterijopslag de melkrobot en melkkoeling bij stroomuitval voeden?
Alleen met een installatie die voor eilandbedrijf is ontworpen. Daarvoor zijn onder meer een grid-forming-omvormer, omschakelinrichting, selectieve beveiliging, voldoende kortsluitvermogen en gereserveerde laadstatus nodig. Een standaard netgekoppelde batterij schakelt doorgaans uit.
Krijg ik EIA voor batterijopslag op een melkveebedrijf?
Alleen als de concrete investering en toepassing aan een actuele code op de Energielijst 2026 voldoen. Laat de code, meldtermijn en technische onderbouwing controleren voordat u verplichtingen aangaat.
Accepteert mijn verzekeraar een batterij bij de stal?
Laat de voorwaarden vóór aanschaf schriftelijk bevestigen. Capaciteit, locatie, brandwerendheid, afstand, bereikbaarheid, onderhoud en dossieropbouw bepalen de acceptatie. Buitenplaatsing of een aantoonbaar gelijkwaardige bouwkundige oplossing wordt in de praktijk vaak verlangd.
Kan ik mijn netaansluiting verkleinen na plaatsing?
Mogelijk, maar alleen na analyse van meerdere jaren, seizoenen, storingen en geplande uitbreiding. Bespreek de uitkomst met Liander of Enexis voordat u het gecontracteerde vermogen verlaagt.
Hoeveel verdien ik met handel op de onbalansmarkt?
Dat is vooraf niet betrouwbaar vast te leggen. Prijzen, beschikbaarheidseisen, vergoedingsmodellen en batterijdegradatie veranderen. Reken daarom ook een scenario zonder handelsopbrengsten en geef bedrijfsprocessen en LDN/ODN altijd voorrang.
Wanneer is batterijopslag voor melkvee niet verstandig?
Meestal niet bij meer dan 90% zelfconsumptie zonder relevant inkoopvoordeel, minder dan circa 150 bruikbare cycli per jaar, weinig dagelijks PV-overschot of wanneer een verplaatsbare koel- of boilerpiek met processturing goedkoper verdwijnt.
Kan een batterij ook een koelcel of vrieshuis ondersteunen?
Ja, maar beoordeel eerst voorkoeling, setpointsturing, thermische massa en ijsopslag. Bij langdurige koeling kan thermische flexibiliteit goedkoper zijn; een batterij past vooral bij de resterende elektrische piek of verschuiving van zonnestroom.
Verder lezen
Meer in agrarisch
- Batterijopslag voor assimilatiebelichting en WKK in de glastuinbouwBereken batterijopslag voor belichting en WKK in de glastuinbouw met kwartierdata, kosten, veiligheidsregels en een heldere beslisregel.Lees dossier
- Batterijopslag voor een varkenshouderij in AaltenBereken opslag voor een varkensbedrijf in Aalten: zonnestroom naar de nacht, pieken beheersen en ventilatie ondersteunen bij netuitval.Lees dossier
- Batterijopslag voor loonwerk en agrarische mechanisatie in BarchemOnderzoek batterijopslag voor uw loonwerkbedrijf in Barchem met kwartierdata, netcheck, kostenraming en een praktisch uitvoeringsplan.Lees dossier
- Batterijopslag voor akkerbouw en bewaarschuren in RaalteLaat kwartierdata van uw bewaarschuur in Raalte analyseren en bepaal of batterijopslag past bij uw pieken, zonnepanelen en Enexis-aansluiting.Lees dossier
Bronnen
Benieuwd wat dit voor jou oplevert?
We rekenen het door met jouw verbruik en teruglevering. Meestal binnen een uur reactie.
